Wir zein auf vakansie

Eindelijk, ......op vakantie.

Het is zover ... ik ga op vakantie. Nog even en dan zit ik in Oostenrijk .. ja..jaa. Vakantiewerk was niet zo'n groot succes nee .. niet groot neee. Ik ben daar natuurlijk, denk ik uhhjaa, veel te ontwikkeld en slim en pienter voor. Ze begrijpen mij gewoon niet nee...nee dus. Ook op die camping in België niet ...nee...nee niet dus. Maar nu .... op weg naar Oostenrijk. Hier op deze parkeerplaats kwam ik die chauffeur tegen en ik mag mee met um ... ja ... jaa naar Oostenrijk. Hij komt zo terug jaa ... en dan gaan we rijden ..ja..rijden jaaa. Hij zei: Ik goo sleep and ik see joe over twoo days. Den we goo end  ride too Austenrijk yes.

Nog even wachten en dan ben ik weg ..ja. Ik zit hier nou ja ..uhhjaa.. 30 minuten .. dussuhhjaa.. nog een uurtje en dan gaan we op pad .. naar uh Ooste...

Zoo, ik ben op weg. Nee..neeee niet naar Oostenrijk neee. Op die parkeerplaats .. ik maar wachten en wachten ja .. het werd donker .. geen chauffeur te zien .. de volgende dag, toen het weer licht werd, zag ik dit busje ja ..enn.. ik mocht meteen mee . Dus ... eindelijk op vakantie ja. Ik sta hier goed. Het regent pijpenstelen .. maaruh ik sta hier goed ja .. mooi uitzicht en droog ja .. Waar we heen gaan? Ik zou het niet weten .. nee. Maar ik ben op weg en voorlopig zien jullie me niet meer terug .. nee. Vakantie ..hehe ..eindelijk vakantie .. ik ben er wel aan toe hoor ..jajaaa op vakantie dus.

Dit was het derde en laatste vakantieblogje van kabouter Witkiel.

            

Vakantie............werk 2.

Je zult nu wel denken dat ik hier, in België, op vakantie ben. Maar nee hoooor ...neeee, ook hier ben ik aan het werk .... vakantiewerk....jaaa natuurlijk. Ik moet nog even klussen want ik heb nog niet genoeg ge...

Die vorige baan daar had ik niet zo'n zin meer in....nee. Het was ook wat te simpel voor me....jaaa. Ik uh, ik kan veel meer,....ja. en daarom ben ik nou hier op de camping in België. Dit is echt werk naar mijn hand, ja. Hier kom ik helemaal tot leven. Ik sta hier in een hoekje in de wc .... enne als die gasten er hier een rommeltje van maken moet ik optreden. Belangrijk is waar je staat natuurlijk...ja. Onopvallend in een hoekje zodat ze je niet zien en wat heel belangrijk is .... overzicht houden,... ja en ... opletten natuurlijk.

Kijk hier staat het gereedschap. Als ze er een zooitje van maken moet ik er voor zorgen dat ze het meteen schoon maken. Het mag hier geen zwijnenst...

MODDE GE ES KIJKE WITKIEL ... JAO DAOR NAOR DIEJEN WC-POT EN VLOER EN HOEK DAOR... SMERIG EN VIES!!! WEL EEN BIETJEN OPLETTE, HE ... HET MOT WEL KUIS BLIJVE HE! ANDERS WORDE GE SJUUST ONTSLAGE KABOUTERKE!!!!!!

Oeps, dit het was het 2e vakantieblogje van kabouter Witkiel uit Sint Job in't Goor, België.

Vakantie........werk 1.

Nee hoor, neeneeeee ik ben hier niet op vakantie hoor. Over een week of 2 pas, dan ga ik op pad ja, ...... op pad jaaaa. Ik werk hier ..jaaa.. vakantiewerk ja. Eerst moet ik wat geld verdienen en dan ja ... dan op vakantie.

Ik sta hier bij een museum, in Gorssel, ja. Ik moet de mensen waarschuwen. Zo van ..sssssst een beetje stil graag..u komt in een museum..binnen niet rennen en schreeuwen graag..enne nergens met je vingers aanzitten nee..dat mag niet..sssssst. En ik moet opletten dat ze niks kapot maken of vernielen hier ..ja.jaa. Het is geen zwaar werk hoor, maar je wel opletten en erbij blijven ... ja. Bij iedereen ja, die naar bi....

Oeps..nee toch..nou doe ik het al weer. Sta ik hier met jullie te kletsen en lopen de mensen zo maar ja..zomaarjaaaa..naar binnen en naar bui.... Ik hoop maar dat de directeur het niet gezien heeft anders ben ik mijn baantje ......

HEEEEE WITKIEL, KABOUTER WITKIEL OPLETTEN!!! EN NIET STAAN KLETSEN!!!! ALS IK JE NOG 1 KEER ZIE KLETSEN VLIEG JE D'ER UIT!!!!! BEGREPEN!!!!!!!

Oeps ........ dit was het blogje van kabouter Witkiel uit Gorssel.(bij museum MORE)

                                                 

Een vakantieblogje van kabouter Z. Kous.

Hallo, ...ikke.ik.. ja ikke ben op vakantie hier. Jajaa, hier in de natuur ja ..... de vrije natuur, jajaa lekker en fijn ja.  Ikke.i....hahaahaaatssjoe!! Sorry hoor, maar dat was een niesje. Die bloemen kriebelen ook zo in mijn hahaahtssjoe..ha neus. Ja ikke ben gek op bloemen, ja...hahaaatsjoe  op bloemen jajaa. Daarom ben ikke ook hier dus, jahahaajaa. Voor de bloemen hahaahaaatsjoe!!!

Oehoe..jajaa ze stinken ook wel hahatsjoe... een beetje. Snifsniffer...snuf.... het ruikt hier hahaatsj... naar snufsnufferdesnuf ja..jaa...ikke.ik....ruik camillethee. En hahatsjoe dat is vies zeg hahaajaaa... vies hoor die camillethee. Een snufsnufje ja..jaaa...het ruikt echt naar camillehahaaa...tsjoe!!!

Nou dat was mijn vakantieblogje ja..jaaa. Ikke.ik... stop er mee. Een fijne vakantie verder ja..hahaa..haaa.....tsjoe!!!                                  

                                       

Karel de Landkrab gaat verhuizen. 

Kijk eens, riep Uilemie, daar staat iemand naar ons te zwaaien. Kom op Hoehoe, we gaan er heen. In een zweefvlucht doken ze naar beneden en even later vlogen ze voor de neus van Karel de Landkrab heen en weer. Leuk dat jullie er zijn, glimlachte Karel, gezellig. Waar komen jullie vandaan?

Uit het noorden, vertelde Mie. We wonen in Harsbouterdorp, een kabouterdorp op de Veluwe. Vertel, vertel ..., glimlachte Karel. Hoehoe ging op het hoofd van Karel zitten en Uilemie begon te praten. Als ze stopte riep de krab glimlachend: VERTELvertel ....vertel verder, ik wil alles weten over jullie dorp.

Oehoe, klonk het van boven, waarom moet je toch steeds lachen en zwaaien die armen van je altijd heen en weer? Dat is mijn werk, klonk het glimlachend, als de mensen mij zien worden ze vrolijk, zwaaien ze terug en blijven ze wat langer bij de ijskraam. Ik sta hier nu al 6 jaar en krijg kramp in mijn lippen en armen. Kan ik niet in jullie komen wonen?

Tuurlijk, zei Hoehoe.

Omdat Karel niet zo ver kon lopen gingen Uilemie en Hoehoe op zoek naar een busje. Kreunend en steunend klom hij erin en even later lach hij doodmoe, maar glimlachend, op een matrasje naar het plafond te kijken. De moter werd gestart en met zwieberende armen, een glimlachende mond en een hard krabbengesnurk verhuisde Karel de Landkrab naar Harsbouterdorp.  

Land dat er ooit was.

Uilemie, haar naam zegt het al, is gek op uilen. Ze praat met ze .. vertroetelt ze .. geeft ze lekkere hapjes .. en .. vliegt ook wel met ze mee, op hun rug. Deze week ging Uilemie, op de rug van haar lievelingsuil(Hoehoe), op vakantie. Ze lieten zich lekker op de wind naar het zuiden waaien. Het ging lekker sloom en hun ogen stonden al snel in de wazige droomstand. Opeens klapte Hoehoe hard met haar vleugels om niet tegen een groot roze kasteel aan te vliegen. Gelukkig konden ze nog net op tijd landen op een klein richeltje van de kasteeltoren. Een oude kerkuil die verderop zat te dutten schudde met zijn kop en vertelde dat ze geland waren op het rozekasteel van het Land dat er Ooit was. Er waren nog wel stukjes over gebleven van dat land, maar het meeste was verdwenen of in elkaar gestort.

Uilemie en Hoehoe gingen op onderzoek en bekeken het Land van Ooit. Achter het kasteel stonden mooie hekken en er was ook een oude arena waar vroeger de ridders tournooien hielden. Het was leuk om te zien maar wel oud en gescheurd. Iets verder liep een groep soldaten het water in. Slag bij Waterloo stond er bij, op een bordje. Ze gingen kopje onder en aan de overkant van het meertje kwamen ze er weer uit. Mie en Hoe vonden het mooi maar ook een beetje triest. Daarom strekten ze de vleugels .. die van Hoehoe natuurlijk .. en vervolgden hun vakantiereis.    

 

Wir sein wiederoem auf vakansie.

Jawohl, allo ...... hier bin ich weeroem. Jij weisst wohl, ich heisse Wilhelm en wohn al zwei jahr in Harsbouterdorf. Wir haben weeroem vakansie hier. Die meiste kabouters gehen vort nach verre lander. Ich bleibe hier mit kabouter Spartel. Wir haben es goet nach oense zin hier. Als dat wetter goet ist gehen wir schwimmen, bei schlegtes wetter sitzen wir in oensere paddenstoel oend lezen ein buch of toen ein spieletjen. Heilaas ist dat dorf geschlossen. Woenstag 29 juli 2015 sind we weeroem offen. Die reiskabouters sollen hier zwei ob drei keer ein verhaal uuber hun vakansie schreiben.

Gruus herteluk, kabouters Wilhelm oend Spartel

 

Vakansie in Het Tegelmuseum.(laatste aflevering)

Eigenlijk wilden we helemaal niet naar ons huisje. We sijn.. nu we weg motte..tog wel errig ferdriettig. 

Elsje, een liefe vrijwilgersmefrouw uit Arnhem (ze weet heel feel over peerdjes), kon ook wel janke. Een hoop tranen dat ze had. Ik was glijk helemaliderig fan de weg weggerig. Maar ook mien friendjes en friendinnetje die al die tijd buite hebben gebifakkert, daar in dat patiogedoe. Mot je effe naar die treurnisgesichte kijke. Swaar de pest er in folgens mij. Ze motte wegmarchereerdere in een rij. 

Eiglijk had ik nikkes ferwacht, toen we hier aankwamme. Je weet wel, geen lekkere slaapplank of hang matdinges gesien. Een beetje stugge lui, leek het. Maarre, fergissen is toch niet alleen menselek maar ook best wel kabouterluk, of niet soms? Gaandeweg bleken ze toch wel een bietje los te komme. Niet so deftigjes en so. Eiglek hebbe we wel feel gelache ook. Malle tegels gesien. Leuke beroemderige mensen de hand geschut. Nee, we telden met onze mallige musjes best wel mee. Geen discrimatirie daar. Een heel ‘open mind’ hebbe se, seiden se in koor. Ha Ha.

Jan, die techneuterige meneer met die egt deftigge Engelse achternaam Cliffordje, die in zo’n blauwe werkjas rondloopt, meestal, en die forman directeurmeneer souden effe een grote kar ophale om ons weg te brenge. Ik heb nog an me mate forgesteld stiekem aan de oferkant te gaan schuile bij de dorpsdoktermeneer. Die het toch een sorgfunktie? Maar niemand durfte mee te flugte.

Ik ben wellicht te ferdietig om alle sake correctjes te begrijpe. Ons lot staat fast. Maar ik ga morge wel nadenke naar welluk fakansie oort ik, na die kouwe wintertied straks, men forkeur gaat. Mot daar wel een bietje warmerig sijn daar. 

Het egt laatste van t’laatste berichtferhaaltje van kabouter Bert uit het Nederlands Tegelmuseum.

 

Vakansie in Het Tegelmuseum.(aflevering6)

Grafitter Hugo Kaagman blijkt best aardig type.  

Ik had het je de forige keer al vertelt…Hugo Kaagman sou toch langskomme deze week. Nou, dat deet ie keurig. Hij sag er niet so okselfris uit. Was een bietje siek, sij hij. Wel netjes dat ie helemaaaaal naar Otterlo kwam. Ik sag dat sijn bril wel erg scheverig op sen neus stond. Ik heb hem effe geholpen en dat brilding weer regt geset. Kijk maar op de foto die de aardige pr.pr.pr. meneer van het museum for me makte. Die heet net als ik ook Bert. Goeie goser dus.

Hugootje kwam kijke hoe hij sijn heel beroemde spuitdingetjes leuk kon gaan ophange in de saal for sijn expeditie of so iets. Je kon gelijk sien dat hij ook best wel aardig kan tekene. Het ware allemal simpele lijntjes en so, maar hij begreep het best sij die. Het mot hier wel lukke. Ja, als het hier niet kan..war kan et dan wel. Pragtige saal toch?

Jeanette, die van de artkitchen gedoe in Amsterdam was er ook bij. Lekker ding dagt ik toe ik er eens goet bekeke heb. Maarja, geen sgein van kans met soon rode puntmuts, dat snap je toch wel hé.

De directeur/forman, nou die trok Hugo gewoon mee naar buite, want hij wou so graag een leuk hekwerkschuttingding ront het museum met daarop mooi spuitgedoe in Delftsblau van Hugo erop. Hugo gelijk aan fotografeertjes doen. Even sfeer proefe sei hij tegen mij. Snapte ik direct. Jij toch ook wel?

Laatste keer sei ik dat ik hoopte deze week mijn egt laatste bloggedoe te vertelle of die Hugo die boodschap goet het begrepe. We hebben allemaal flink sitte duime en dat het goet geholpe. Hij findt het inderdaat geinig op te kome kleurspuite en so in dat knusserige Otterplekkie. We blijfe dus positivio. Ik frees dat Harskamp nou best wel erg saaierig is na al die emoties hier op de bomerige Eikenzoom. Nou doei. Ik ga weer houthakke in het bos same met mijn harsbouterfrientjes. Je mag daar ook best wel effe kome beurte. Se doen daar ook egt hun beste beentje for om aaaaardiggggg for je te sein. Doen hoor! 

Het egt laatste berichtferhaaltje van kabouter Bert uit het Nederlands Tegelmuseum.

 

Vakansie in Het Tegelmuseum. (aflevering5)

Komt die graffiti spuitmeneer Hugo Kaagman niet opdagen. 

Ik was hartstikke nieuwsgiriger naar h’m want die Hugo schijnt wereldberoemd te sijn. Komt ie plotselinges niet opdagen. Ik had flak bij de kitchen in het museum….nee niet bij de artkitchen….die lui horen bij die Kaagmeneer…een pot met kwaste gesien en was vastbeslote om for hem een paar leuke heeeel Gelukkige Olifantjes te kwasten. Zit ik trots met die geinige kleurege fantjes om die hem te late sien. Dikke pech. Sta ik hieres met lege handen. Beetje boos en ferdrietig.

Hij, die Hugo dus,  was ff druk en komt pas folgende week. Ik weet nog niet of ik op hemmes  gaat sitte wachten. Ik wil terug naar mijn harsbouterhuisje. Dat had ik jullie tog gesegt. Nou, dan laat ik se maar aan jou sien. Geinig he? Ik heb wel crea hullup gehad van twee mooie frauwen. Ene moededertype en grote dochter. Ze heete Jolanda Lourens of so en Annelie fan Geijtenbeek. Nou die konden egt wel kunstschilder worde. Kijk maar. Die stippe heb ik gemakt. Goed gelukt find ik. Fan de directiemeneer Willem mag ik se jullie nu wel effe laten tonen.

Nu mot Hugootje dit pragtig paintwork fan ons drietjes wel goed bestuderentjes doen want hei mut over een poosje een enorme groooooooote Gelukkige Olifanter gaan spuite op die schutting. Die meneer de directiefoorman van het museum…ene  Hollander (klopt nie want hij woont in Drente of so iets, fer wegistan folgens mij) wil helemaal rond dit liefe museum een paintwall for iedereen die met een spuiter of kwast kan omgaan laten plaatsen en kan je..beroemd of nie langs komen en kan je jeself uit gaan leefe, segt hij. Dat wordt natuurlijk geinig. Ik hoop je nu folgende week in mijn egt laatste bloggedoe te vertelle of die Hugo die boodschap goet het begrepe. Duime maar met z’n alle dus.

Een spetterend berichtje van kabouter Bert uit het Nederlands Tegelmuseum.

 

Vakansie in Het Tegelmuseum. (aflevering4)

Ik dacht…ik ga maar eens kijken in het museumwinkeltje van Jelly en ook effe buite kijken.  

Ik verfeelde me een beetje erg en dacht ‘wie weet is er wat te sien in het winkeltje van het museum. Nou, dat is niet een klein beetje, maar hartstikke feel leuk spul daar. Ik ff aan de praat met Jelly. Die weet echt allesssss over het museum.  So knappe frouw is dat.  En vertelle dat se kan, niet normaal. Dat winkeltje loopt als e tierrelier. Heb maar niet gefraagt wat dat betekende want dan lijk ik weer so domme boskabouter. En die zijn er helemaal niet. Jelly heeft wel een paar honderd dingen die mensen kope omdat ze lijken op echte tegeltjes, so mooi spul. Om kado te geve…zei Jelly. Of om self te houwe, dacht ik. Kaartjes, sleuteldingenhangertjes, tasse om te gaan shoppe en nog veel meeeer.

Er kwam forig jaar een lady uit America en die kogt for meer dan duisend eurootjes spullen. Moest per post naar de USA worde opgestuurd. ‘Beste dai was dat toen’, aldus Jelly. Dat lijkt op Friese taal. Die spreekt se ook heeeeel goed.

Toen ben ik ook maar buite gaan kijke. Het barste daar fan mooie fietse. Allemaal super fitte besoekers die dag in Otterlo. Er was selfs een groene fiets. Ik keek me ooge uit. Je gelooft het niet, maar die was van hout. Voordeel is dat als ie oud is, dan kan die fiets so de open haard in, dat segt die knappe meneer Johan, die museumconservatorium, je weet wel. Die fiets is namelijk van hem. Heel duursame fiets dus. Goed bedagt find ik.

Nou, folgende week schreif ik m’n laatste logeerferhaaltje. Dan komt die heel beroemde grafittie kladderaar Hugo Kaagman effe op bezoek. De directeurbaas van het museum wil graag dat die Hugo een hele grote schutting kunstig gaat bespuiten met felle kleurtjes in de form van tegels. Ben benieuwd of dat gaat lukke. Na folgende week pakken m’n mate en ik onze spullen en gaan we trug naar ons Harskamperbloghuisje. Dan is ’t moooooi geweest.

Nog effe folhouwe met lese. Straks ga je me misschien echt missen, hoooop ik. Groetjes uit Otterlo

Kabouter Bert, je weet wel…die fan het Nederlands Tegelmuseum

 

Vakansie in Het Tegelmuseum. (aflevering3)

Loop ik plotseling meneer Wim Kok tegen het lange leif.  Hij is een heel hoge pief…Minister van Staat.

Ik weet het inmiddels wel…in dit te gekke tegelmuseum in Otterlo komen af en toe beroemde mensen so maar ff binnewippen. Maar nu was ik helemaal de weg kweit. Zie ik ineens die voor/vorige minister president, je weet wel die hele lange man uit dat geinige Torentje in Den Haag naast me staan. En hij deed nog best wel aardig ook. Hij froeg “wat doet zo’n knappe (ha ha) boskabouter nou in deze saal met ouwe spullen”. Goeie en leuke fraag natuurlijk. Ik wist het eerst self toch ook niet waarom me maten en ik juist hier gingen logeren. Hij luisterde echt heel serieuzig toen ik vertelde dat we hier heeeeeel veeeel kinderen hartstikke blij maken. Met onze kabouterfilmpjes en die mooie platen en stene dingen met sprookjes. Hij keek effe rond en toen…ja toen pas, leek die het helemaal te begrijpen. Geinig vont hij het hier. Nou wij ook.

Vraag ik op m’n beurt: “wat doet u eigenlijk hier?” Hij vertelde: “mijn vrouw, die heet Rita Kok, is kunstenares. Ze maakt heel aparte weefsels.” Geen idee wat hij bedoelde. Toen liet hij mij trots een foto sien van haar kunst. “Die heeft hier ook gehange.” Ja, toen was ik geleik een fan van haar. Echt spetterend mooi wat se kan make.

Nou, als je een keer tijd heb, kom dan self maar eens kijke in Otterlo. Juf Jelly en ene Peter hebben heeeeeel lekkere koffie met koek, t’is maar dat je het weet.

Dit was weer een berichtje van kabouter Bert uit Otterlo.

 

Vakansie in Het Tegelmuseum. (aflevering 2)

Ik schrok me een kabouterhoedje …. maandags is het museum helemaal gesloten. Mooi dacht ik. Kan ik eindelijk eens lekker op men gemakkie op zoek gaan naar echt iets leuks daar.

Ik had er eigenlijk heeeelemaaaaaal geen vertrouwen in dat ik iets bijzonders zou vinden tussen al die gaafe tegeldingen. Maar toch......, ik was bijna in alle zalen geweest. Tegels en nog een tegels ...... en ook grote tableaus (zo heten die dingen) met heeeel veeeel tegels bij mekander. Er stonden koffieleutende sjieke dames op ..... en zo. Eigenlijk waren ze best mooi.

Vind ik op ’t laatst een zaal van ene mevrouw Judith Laqueur-Révész. Mooie maar loeimoeilijke naam. Ik zag allerlei potten en schalen, mooie poppen in klederdracht en zo. Verder een te gek schaakspel onder een grote glasplaat.  Daar mocht ik dus niet aankomen. Ze vertrouwen daar echt niemand, denk ik.

Kijk ik verder dan mijn neus lang is en wat zie ik? Een giga grote olifant die daar gelukkig staat te wezen. Ongelooflijk. Ik wilde ff met hem babbelen, maar hij had kennelijk kapsones. Geen woord. Wat blijkt? Hij was van onze echt oude koningin geweest. Je weet wel ….. ze heette Juliana of zo, de oma van Willem-Alexander.  Ze was getrouwd met een prins die dol was op mooie bossen en wilde dieren, overal in de wereld. Die hadden samen een knotsgroot vakansiehuis in Porto Ercole, geen idee waar dat was overigens.

Die prins, prins Bernhard, was een keigoeie man. Wist je dat?  Maar je begrijp nu wel dat een eenvoudige Harskouterdorpeling geen vriendje van die gelukkige olifant kon worden. Met een eenfoudige fant natuurlijk wel ... maar met een Koninklijke fant echt niet. Ik heb er wel een mooie foto van gemaakt. Nu kan je sien dat het echt waar is wat ik je vertel.

Doei, tot de volgende keer. Kabouter Bert uit Otterlo

Vakansie 2014 in het Tegelmuseum in Otterlo. (aflevering1)

Kan het nog gekker worden?

Wie op het idee is gekomen om uit logeren te gaan in een echt museum, weet ik eigenlijk niet.

Ik keek vast en zeker heel verbaasd toen ik met mijn kaboutermaten daar aankwam. Buiten, naast de voordeur van dat museum, is een muur met gekleurde tegels. Wat het voorstelt wisten we geen van allen, een beetje gek was die muur wel.

Toen we binnen waren kwam er een heel geleerde meneer op ons af en zei dat we erg welkom waren. Hij is doktor of zoiets. Ik hoorde later dat die man de conservator is van dat museum. Geen idee wat daar knap aan is, maar hij deed best wel aardig. De directeur, een soort baas, liet ons het heel veel zalen doorlopen met veel, erg veel tegeltjes. Wat die daar precies doen? Geen idee.

Er liepen ook andere mensen in die zalen en die ‘vonden het allemaal heel mooi en steengoed‘ zeiden ze. Nou dan moesten ze nog wel effe blijven, want daar waren wel meer dan 10.000 tegels of zo. Wat zullen die muren een zwaar leven hebben met al die steendingen aan die wanden. Om nou te zeggen dat ze er sterk uitzagen, nou nee!

Ik moest met mijn groepje dwergenmaten gaan staan in wat zij noemden ‘de patio’. Nou, dat betekent dat je, weer of geen weer, buiten staat. Geen kabouterbed gezien trouwens. Nog geen hangmat of iets dergelijks was er. Help, hoe moet onze vakansie daar ooit een succes worden.

Wat wij wel erg leuk vonden waren al die sprookjesboeken en stenen tabletten of zo met sprookjesfiguren. Zo iets moois hadden we nog nooit ergens gezien. Je mocht er wel gewoon foto’s van maken voor thuis. Dat gaan we zeker doen. Hier zie je er alvast één!

Nou doei, later vertel ik verder. Ik ga ff lekker verder lezen in dit best wel spannende verhalenboek. (een berichtje van kabouter Bert uit Het Tegelmuseum in Otterlo)

Klik op Harsbouterkrant en lees nog meer over deze vakantie. 

Vakansie 2014 aan de kust.

De grootste hobby's van kabouter Be zijn zonnen, zwemmen en zandkastelen bouwen. Laat ik dit jaar maar eens naar het water gaan, dacht Be . Zo gezegd, zo gedaan. Een dag later lag hij heerlijk in de zon op het strand aan de kust van het IJselmeer. Na een poosje zon, water en wind vielen zijn ogen dicht en kwam er een luid gesnurk onder zijn baard vandaan. Toen hij wakker werd rende hij het water in en zwom een paar baantjes heen en weer voor de kust. Zooo, zei hij tegen zichzelf, en nuuu ....... een zandkasteel.

De tweede ..... de derde ....... de tiende dag ......... zucht en steun ...... hetzelfde programma. Gaaaaappppp, dacht hij, nog 4 dagen zonnen, zwemmen en ..... en dan mag ik weer naar huis. Hij keek om zich heen en zag dat de stenen die boven het water uitstaken wel aan een schoonmaakbeurtje toe waren. Zal ik, of ... zal ik niet? zei kabouter Be tegen zijn bezem. Fluitend gingen ze aan het werk en de ene na de andere steen werd netjes schoon geveegd. Vier dagen later belde kabouter Be naar huis en zei dat hij nog een weekje bleef omdat hij de kust toch niet halfschoon achter kon laten. 

Vakansie 2014 in België.

Kabouter Acc wilde het er dit jaar maar eens goed van nemen. Hij trok zijn wandelschoenen aan en ging op pad. Eerst op bezoek bij nicht Trienemu in de kleine kabouterstad Ossestoel. Toen verder naar het zuiden voor een bezoek aan oom Zeur die een winkeltje in feestspullen heeft in Bredaasbaard. Nou kan ik net zo goed even door wandelen naar België, dacht Acc, dan kan ik thuis vertellen dat ik ook in het buitenland ben geweest.

Omdat hij de weg niet kende en ook geen landkaart bij zich had kwam hij daar geen kabouter tegen en begon zijn buik, na een uurtje of 2, al behoorlijk te rammelen. Toen hij een broodje wilde kopen en zijn kaboutermunten op de toonbank legde zei de winkelmevrouw: Dat is pech, daar kan ik niks mee, euro's moet ik hebben. Die had hij niet bij zich en daarom probeerde Acc wat euro's te verdienen met zijn accordeon. Hij speelde en zong dat het een lieve lust was en na een liedje of 6 lag er al een flink laagje geld in zijn bakje.

 

Vakansie 2014 beginnt.

Haloo ja, je weetst het doch nog wel. Ich bin kabouter Wilhelm und ich heb nun vakansie. Dag vorige jahr bin ich hier kommen wohnen. Ich komme aus Duitschland en je hoortst das ich all seer goet Hollandisch spreekke. Die kabouters sijn nun op vakansie. Harsbouterdorp ist geslossen tot 30 juli. Ja...ja ein bisjen kalm graag, 30 juli um 14.00 uhr sijn wir weer open. Je sulst diese dage wohl was heuren von die vakansiekabouter. Zij sollen hier laten sien wo zij lekker an het ausrusten sein. Ich bleibe hier und bewaak das dorp.

Vakansie 2013 over.

Deze week zijn de meeste vakantiekabouters weer terug gekomen in Harsbouterdorp. Kabouter Ha Khout bracht uit België een hoogzager mee. Dat is een soort bakje, waarin je jezelf de boom in kunt takelen, om takken te zagen. Samen met een collega is hij een nieuw pad aan het hakken in Harsbouterdorp-West. Dit ligt aan de andere kant van de kabouterwagen en hier zullen over een poosje meer dan 1000 kabouters komen wonen. VAN ONDEREN .... klinkt het steeds door het bos.

Kabouter Klaas kwam doodmoe terug van vakantie en ligt lekker uit te rusten onder zijn paddestoel. Je hoort hem zo af toe diep zuchten en snurken.

Muus was op weg naar huus en hoorde dat er in Frankrijk grote stenen recht op de grond staan. Menhirs noemen ze die en daar lijken hunebedden maar kabouterjes bij. Dat wil ik wel eens zien, zei hij. En zo zijn Muus en Truus op weg naar Frankrijk. We hopen dat ze met dit warme weer niet in een kabouterfile terecht komen.

Van de kabouters die naar de States en Oost-Europa vertrokken horen we later meer. We kregen wel een berichtje dat het er erg leuk was en ze voorlopig nog niet terug komen.

Vakansie 9

Kabouter Klaas gaat vaak op vakantie. Dit jaar maar eens naar België, dacht hij, misschien kom ik Ha Khout tegen. Maar dat gebeurde helaas niet.

In de Ardennen maakte hij lange wandelingen. Omdat het zo warm was nam hij zijn zonnepaddestoel overal mee naar toe. Zo liep hij altijd in de schaduw en kon hij, lekker uit de warme zon, een uitlje knappen. Na 4 dagen wandelen in de warmte was de puf er een beetje uit en lag Klaas meer onder zijn paddestoel te slapen dan dat hij liep. Zelfs een lekker appeltaartje met slagroom kon hem niet wakker houden.

Tijd om naar huis te gaan, zei Klaas. En zo gebeurde het dat we hem weer tegen kwamen in Harsbouterdorp. Hij lag lekker te pitten onder zijn paddestoel, want ook daar was DE hittegolf. 

Vakansie 8.

Kabouter Muus kon er dit jaar niet onder uit. Samen met zijn vrouw Truus ging hij op vakantie naar Drente. Met een ontevreden kop liep hij achter Truus aan. Mmmm .... bomen, gras ... dat zie ik al elke dag in Harsbouterdorp. Zo ging het overal en bij ieder uitje. Zijn eigen eten was veel lekkerder. En ... slapen deed hij thuis veel beter. De laatste dag stonden de Hunebedden op het programma. Eerst deed hij zijn mond niet open. Maar toen viel Truus haast van schrik achterover op de grond. Ze kon haar oren niet geloven. Mmmm...., klonk het, mmmmm... niet gek ..... dat is een aardig bouwwerkje. 

Dat was toch wel bijzonder, want MUUS IS LIEVER THUUS. 

Vakansie 7.

Kabouter Jacques is eindelijk op weg naar de USA. Tevreden staat hij op de trein te wachten die hem naar het vliegveld zal brengen. Eerst zijn paddestoel opruimen, dan zijn bagage inpakken. Om niet van alles te vergeten maakte Jacques lijstjes voor kleren, onderboeken, handdoeken, geld en nog veel meer.Tjongejonge doodmoe werd je ervan. Maar nu was alles klaar voor de grote reis.

Op het station, de trein kwam er al bijna aan, ontdekte en voelde hij ... oo...oooooo... waar is m'n pas? En zonder pas .......  zat Jacques in zak en as boven op koffer en tas. Zijn reisgenoten belden de burgemeester. Geen probleem, zei hij, dit lossen wij op.

Met vliegende vaart, de trein was al in zicht, kwamen Haasje Haas en kabouter Race het perron opgesjeesd. Zo kon Jacques op het laatste moment toch op reis. De komende weken zullen we zeker meer horen en zien uit de USA. 

Vakansie 6.

Enige dagen geleden is kabouter Ha Khout, door de burgemeester van Harsbouterdorp, op werkleervakantie gestuurd naar België. Hij volgt daar een internationale SHZ-cursus* voor bosbouwkabouters. Met een vlijmscherpe bijl en een goed humeur ging hij op stap.

Vandaag, met 33 graden één van de warmste dagen in België, kwamen we hem tegen in een hakleerbos in de buurt van Turnhout. Na een uurtje of 4 snoeien en zagen was het hakken aan de beurt. De druppels stonden op zijn gezicht en zijn kleren waren drijfnat van het zweet. Hij keek met een blije blik naar het boompje dat hij om moet hakken.

Hij vertelde ons ook dat je, als je een tak van een boom knipt of zaagt, keihard "VAN ONDEREN .... OPDONDEREN!!!" moet schreeuwen. Dan weet iedereen die in de buurt is dat ie aan de kant moet gaan omdat er iets naar beneden valt.

*=Snoeien-Hakken-Zagen.

Vakansie 5.

 

Vandaag kwamen we kabouter Voor de Wind tegen op de Hoge Veluwe. Hij fietste lekker hard over de gladde paden van de beeldentuin.

Kunnen jullie me zeggen waar dat grote blauwe schepje staat?, vroeg hij ons toen hij met piepende banden stopte.

We hebben het nog niet gezien, zeiden wij. Maar weet jij wel dat je hier niet mag fietsen?

Ik ben zo klein, mij zien ze niet, lachte hij.

Voor de Wind keek nog even op de wegwijzer, stapte op zijn fiets en reed zwaaiend bij ons vandaan. Twee uur later zagen we een auto van de Hoge Veluwe het hek uitrijden. Het lijkt wel of kabouter Wind achterin zit, zei ik. We keken nog eens goed en zagen zijn kleine koppie opduiken achter het zijraam.

Van kabouter Typ hoorden we later dat de wind vandaag een beetje tegen zat. Hij was naar Harsbouterdorp teruggebracht met een dikke bekeuring en zijn fiets ....... die was in beslag genomen.

Vakansie 4.

 

Manon Andje is een vriendelijk kaboutervrouwtje. Ze staat altijd klaar staat voor een vriendelijk praatje. In juli is ze op een mooie zomerdag zomaar opeens verdwenen. Niemand weet waar ze zit. Als Andje na een week of twee weer thuis komt ligt er een grote berg bosbessen naast haar paddestoel.  

Ook deze zomer ging ze op bosbessenjacht. Op een Veluws heideveldje kwam ze een kabouter tegen. Hij lag lekker te lezen onder zijn paddestoel en vertelde haar dat hij het leuk vond om met andere kabouters over boeken te praten. Manon zei dat ze in Harsbouterdorp woonde en dat daar een leesclub was.  De kabouters die daar lid van zijn zitten uren met elkaar over boeken te praten. Het leek haar wat saai, maar ja als zij het ......

Leuk u ontmoet te hebben, zei ze even later, maar helaas moet ik weer verder. Je ziet het, m'n mandje is nog lang niet vol.

Toen ze wegstapte riep de leeskabouter haar na: Wie weet zien we elkaar nog in Harsbouterdorp. Die leesclub, dat lijkt me wel wat.

Vakansie 3.

 

Kabouter Minder gaat in de vakantie graag naar een rommelmarkt. Hij onderhandelt altijd net zo lang tot hij het voor een klein prijsje mee kan nemen. En zo gebeurde dat ook vandaag op de markt in Apeldoorn. Minder had zijn oog laten vallen op 8 mooie stenen eitjes. Mmmmmm, niet gek, bromde hij in zijn baard. Wat kosten die vieze eitjes daar?, vroeg Minder streng aan de koopman.

Nou uh, voor 60 eurocent per stuk, offu als u ze alle 8 ....

WAT, wat ... watte, schreeuwde de kabouter overstuur. Zwaaiend met zijn armen en met rollende ogen gilde hij: Ik ben niet gek ...... 60 euro per stuk ..... wat een afperser ..... hier m'n laatste bod .... 30 euro voor alle 8 .... En geen cent meer!

Verbaasd keek de marktkoopman hem aan en zei stamelend: Okay, that's een deal. Zal ik ze even voor u inpakken?

Even later liep kabouter Minder tevreden met een zwaar pak onder zijn armen bij de kraam vandaan. Zo, mompelde hij, dat was een mooi staaltje van onderhandelen. Wat een koopje, wat een koopje, lachte hij in zijn baard.

Vakansie 2.

Het eerste vakantiebericht komt van verre. Kabouter Stapper houdt erg van wandelen. Als je hem tegenkomt heeft hij altijd een knapzak op zijn schouder en met ferme pas, zijn vinger groetend in de lucht, loopt hij vrolijk verder. Vandaag kregen we zijn vakantiefoto's binnen. Iedereen was verbaasd toen ze hoorden waar ons Stappertje naartoe gegaan was. Bekijk de foto's maar eens goed dan zie je waar hij zit. Weet je het al? Juist ja, dat is goed. Hij is in.....Afrika.

Vakansie.

 

Gutendag ick bin kabouter Wilhelm. Ick wohne noch niet so lang im Harsbouterdorf. Jij soll het wohl nicht gelauben, umdass ick so gut Niederlands spreche, maar ick komme aus Deutschland. Het gefallt mir sehr gut in dies kabouterdorf. Glücklich haben wir noen vakansie. Herrlich die ganse dag niks doen. Herrlich luieren, etwas essen und ein glas schnaps trinken. 

Nicht alle kabouters bleiben in uns dorf. Zwei reisen helemaal nach Amerika und vier andere gaan nach das osten von Europa. Ein paar kabouters reisen durch Niederland.

Das kabouterdorf ist 3 weken geschlossen maar die kabouter die auf vakansie gehen sollen hier, auf harsbouterblog, allemaal hun avonteuer vertellen.