Kaboutersporten

Graafcompetitie afgelopen.
De afgelopen maanden werd er hard gestreden om de Harsbouter Graafbokaal. 71 kabouters  probeerden deze belangrijke sportprijs in handen te krijgen. Met veel inzet en blaren op de handen probeerden ze de beker te winnen. Na 6 weken werden er 2 deelnemers uit de wedstrijd gehaald. Zij werden geschorst omdat ze met het zand uit hun eigen gat stiekum het gat van hun tegenstander weer dicht gooiden. De competitie is gestreden en de winnaars zijn bekend.
Derde werd kabouter Hendrik de Wit met een gat van 33 meter en 16 centimeter diep. De tweede prijs is behaald door kabouter Dreojs, de tweelingbroer van Sjoerdje. Hij kwam tot een diepte van 39 meter en 41 centimeter.
En nu de winnaar. Hij mag zich een jaar lang Graafkampioen van Harsbouterdorp noemen. Op het nippertje versloeg hij zijn broer. Het werd een fotofinish, zo dicht zaten ze op elkaar. Na uren vergaderen en het nameten van hun gaten werd kabouter Sjoerdje uitgeroepen tot winnaar met een diepte van 39 meter, 41 centimeter en 4 millimeter. Het was spannend dit jaar. Er kan er maar 1 de beste zijn en voor 2017 is dat SJOERDJE ..... Sjoerdje .... KABOUTER SJOERDJE is de WINNAAR!!!!!!!
Tuftalent gezocht.
Als voorzitter van de H.T.B.(Harsbouter Tuf Bond) doe ik een oproep aan alle kikkers die denken dat talent te hebben voor het takjes tuffen. De tuf sport is de laatste jaren steeds belangrijker geworden in de wereld van kikker en kabouter. Hier, in Harsbouterdorp, hebben we een bloeiende club met veel amateur- en beroepstufkikkers. Onder leiding van 2 beroemde tuftrainers is onze vereniging uitgegroeid tot één van de belangrijkste clubs in Europa. Om het laatste stapje naar de wereldtop te maken zoeken we tuftalenten die hun takje mee willen tuffen in ons eerste team.
Geef je op als je als:
*je bek puntig en niet te breed is.(breedbekkikkers, zoals ik, zijn helaas niet welkom)
*je je tong als een soort opgerold buisje uit je bek kunt steken.
*je je bek lang stijf dicht kunt houden.(kletskouzen kunnen beter thuis blijven)
*je niet bang bent om wat zand in en rond je bek te krijgen.
Passen 1 of meer van deze voorwaarden bij jou:
GEEF JE DAN OP VOOR DE H.T.B.-talentenklas!!! 
 
Kabouters kijken ook naar Oranje.
De voetbalfans onder de kabouters wilden ook wel eens naar Oranje kijken. Daarom werd er de hele week hard getraind voor DE WEDSTRIJD tegen Mexico. Als je kijkt naar Oranje moet je de juiste kleding dragen, zeiden ze. Een oranje shirtje met een voetbalbroekje en natuurlijk voetbalschoenen. Zonder deze dingen gaat het niet. En toen .... oefenen ..... elke dag juichtrainingen, buikschuivers maken en schreeuwen tot je schor bent. Je hoort het, ze waren er klaar voor en best een beetje zenuwachtig.
De wedstrijd begint en ze weten: Bij een doelpunt.... opspringen, je armen in de lucht en juichen. Maar ja, wat doe je als er geen doelpunten vallen? Je kijkt eens om je heen ..... je peutert wat in je neus .... je begint wat te gapen  ... en dan opeens .... een doelpunt .... je schrikt wakker ... springt op ... armen in de lucht en .... juist ja .. juichen juichen! Maar dan hoor je dat niet Oranje maar Mexico ........ Je zakt weer in en ....... bij de volgende doelpunten durf je niet te juichen .... je kijkt om je heen en als de anderen juichen spring je op ..... schreeuwt het uit  .. maakt een buikschuiver want WE hebben GEWONNEN!!!
Jagers en ...... spelregels.
Tien minuten voor de jacht begint blaast kabouter Loens op zijn fluit. Alle hertjes, konijntjes en kabouterjagers rennen huppelend naar de verzamelplek. Want ......: ZE hebben er allemaal zin in. Loens vertelt hoe lang de jachtpartij duurt en in welk deel van het kabouterbos ze niet mogen komen. De hertjes en konijntjes vliegen weg en 5 minuten later gaat het spel beginnen. 
En dan nu de spelregels, anders snappen jullie er niks van.
*Herten en konijnen krijgen 5 minuten voorsprong op de jagers.
*De jacht duurt een afgesproken tijd.(meestal 45 minuten)
*Na 5 minuten gaan de jagers op pad. Ze proberen de herten en konijnen zo snel mogelijk te raken met hun verfgeweren. Iedere jager heeft zijn eigen kleur.
*Als een hert of konijn geraakt wordt moet hij doodstil op de grond gaan liggen. Kabouter Loens zet een streep op de jagerslijst.
*Aan het eind van de jachtpartij krijgen alle hertjes en konijntjes die niet geraakt zijn een streep op de prooilijst.
*De jagers hebben gewonnen als ze meer streepjes hebben dan de prooien. Als de prooien er meer hebben zijn zij de winnaars.
*De kampioenen krijgen hun prijs opgespeld door de opperjager(Loens) en mogen die trots dragen tot de volgende jachtpartij.
*Kabouter Loens(opperjager) houdt de regels streng in de gaten. Speel je vals of gemeen, dan haalt Loens 2 strepen van je lijst.
Nawoord:
Omdat de jagers niet zo goed kunnen mikken en de meesten na 17 minuten zo moe  zijn dat ze de rest van de tijd op een boompje uit zitten te puffen winnen de herten en konijnen meestal. De winnaars lopen na de jacht trots een rondje door het dorp en worden door de supporters in het stadion toegejuicht.
 
Jagers en ......
De Harsbouterjachtclub is één van de grootste verenigingen in Harsbouterdorp. Wel meer dan 20 leden staan er in het schrift van de opperjager, kabouter Loens. Tijdens de jaagwedstrijden is het een gezellige boel in het bos. Konijnen en hertjes vliegen in het rond en de kabouterjagers proberen hen te raken met hun verfgeweren.
We zullen eerst even uitleggen wat een jager allemaal moet hebben om mee te mogen doen. Heel belangrijk is de jagershoed. Omdat je die kleur niet zo goed ziet in het bos is hij meestal groen. Er zijn ook jagers die blauwe, rode of witte hoeden op hun hoofd zetten. Een beetje dom zul je zeggen. Maar ja zelf weten ......, ze doen het gewoon omdat ze hem mooier vinden.
Verder moet je natuurlijk een verfgeweer hebben. Hier komen geen kogels uit maar dikke verfdruppels. Daardoor kun je goed zien of er iets geraakt wordt door de jager. Een jachthond, een vogel en een verderkijker(verrekijker) mag je meenemen, maar die zijn niet verplicht.
Volgende week zullen we de spelregels uitleggen.
Takjetuffen met tufkikkers.
In het kabouterjaar 5417 kregen veel kabouters een vreemde ziekte. Die ziekte startte altijd op dezelfde manier. Van de ene op de andere minuut begon je hobbelig te lopen. Twee dagen later werd je grote teen hard en een paar dagen later waren al je tenen  verstijfd. Na een week of twee strompelde je door het bos omdat je voeten helemaal vast zaten. En zo langzaamaan, van onderen naar boven, veranderde je in een harde houten plank.
Kabouterdokters stonden voor een raadsel en legden alle zieken apart, in een sluitafstoel.(= een speciale paddenstoel waarin de zieke kabouters afgesloten worden van de gezonde)
Kabouter Dok ontdekte dat alleen de kabouters die takjes tuften ziek werden en dat ze, omdat er te veel hout ingeslikt werd, leden aan verhouting.(een gevreesde kabouterziekte waarin je langzaamaan verandert in een houten plank)
Het takjes tuffen werd verboden en de ziekte verdween toen snel. Kabouter Coach miste de tufsport en kwam op het geweldige idee om met kikkers te gaan trainen. Zo leerde hij dat kikkers die hun bek kunnen tuuuuuuuten, na wat training, een takje wel meer dan 20 meter weg kunnen tuffen. Bij kikkers, met een brede bek, wordt het niks omdat er uit de hoeken van hun bek zoveel tuf naar buiten spat dat het takje met een zielig boogje voor hun poten op de grond ploft.
Een volgende keer hoor je wat meer over de techniek van het takjes tuffen.
  
Takje tuffen.
Het takjes tuffen is een belangrijke kaboutersport. In oude sportboeken wordt, rond het jaar 1300, voor het eerst verteld over kabouter Tuffextra die zijn tak wel meer dan 10 meter weg kon tuffen. Wanneer en hoe het precies begon is niet bekend. De meeste boeken vertellen het volgende verhaal;
Heel lang geleden, wel zo lang dat geen enkele kabouter er nog iets van af weet, zaten een paar kabouters iedere ochtend voor hun huisje  met elkaar te kletsen. Op een dag stopte kabouter Tuff, terwijl hij naar een lang en saai verhaal luisterde, een takje in zijn mond. Hij sabbelde wat en toen er een bittere smaak in zijn mond kwam tufte hij het uit. Zozo, dacht Tuff, dat is toch gauw een meter of 2. Eens kijken of dat niet verder kan.
Hij pakte weer een takje, sabbelde en tufte en .....pakte-sabbelde-tufte en..... Opeens riep hij verrast: "Een nieuw record! Moet je kijken dat is wel 3 meter ver!" De andere kabouters keken hem verbaasd aan en toen ze hoorden wat hij deed sloegen ze allemaal aan het tuffen. Als je het oude verhaal moet geloven waren er na een week of 3 al meer dan 42 kabouters aan het takjes tuffen. Men zegt dat er in die oude tijden door de beste kaboutertuffers wel meer dan 15 meter getufd werd. Maar ja.... of je dat nou moet geloven weet ik ook niet.
De volgende keer vertellen we hoe het komt dat er tegenwoordig alleen nog getufd wordt door TUFKIKKERS. 
 
Kruiwagenrace.
De kabouters in Harsbouterdorp zijn enorme sportliefhebbers. 
Ze vinden het leuk om er naar te kijken, zelf er aan meedoen wat minder.
Belangrijke kaboutersporten zijn de kruiwagenrace en takjes tuffen.
Over de hele wereld zijn er kabouters die aan kruiwagenrace doen.
Ze zijn verdeeld in twee soorten.
De gewone vrachtkrui, waar ze mee in de tuin werken, en de racekrui.
In Harsbouterdorp zijn 5 kabouters die aan de vrachtklasse meedoen en één voor de raceklasse.
Een vrachtkruiwagen is zwaar en hoort in een wedstrijd altijd 3 emmers tuinafval mee te nemen.
De meeste kabouters die zo'n krui besturen zien er sterk en wat dikkig uit. 
Ze oefenen nooit en moeten de zware krui over lange afstand en een beetje snel vooruit kunnen duwen.
Racekruiwagens zijn leeg en licht.
De kabouterracekruier traint veel, kan hard rennen en is mager.
Over een poosje zullen er in Harsbouterdorp ook wedstrijden gehouden worden.
Er wordt al druk gebouwd aan een stadion voor de supporters.
Welke van deze 4 kabouters zou mee kunnen doen aan de raceklasse?
De volgende keer horen jullie meer over het takjes tuffen.
 
De bouw van de overdekte tribune.
Deze zomer zullen de eerste kruiwagenraces gehouden worden in Harsbouterdorp.
Om de supporters gezellig en droog naar de wedstrijd te laten kijken wordt er druk gebouwd aan de tribune.
Eén zijkant moet nog dicht gemaakt worden en dan kan het beginnen.
De kabouters kunnen bijna niet wachten tot het werk klaar is.
Ze hebben al een plekje veroverd en zitten ongeduldig te wachten tot de strijd begint.
 
De golfsport.
Tjongejonge ..... dat duurde lang.
Eindelijk krijg je weer eens iets te horen over de sport.
Al een paar weken zijn er 2 kabouters druk aan het oefenen met de golfbal.
Ze slaan de bal ...... en ....... ze slaan de bal nog een keer.
Zoals jullie weten moet het balletje bij golfen in het kuiltje.
Het slaan met de stok, tegen de bal, lukt al aardig.
Maar het holletje kunnen ze nog steeds niet vinden.
Als je nog eens in Harsbouterdorp komt moet je opletten dat er geen bal tegen je hoofd vliegt.
Zet een helm op, dan ben je veilig.